Geschiedenis

De naam Ruyven kent zo zijn geschiedenis. 

1492: Jacomina van Ruyven (gez. Tetrode) De vrouw van de gehate dijkgraaf kwaad Aagje. Begraven in 1509 in de Oude Kerk te Delft.

gesch3
Colombus ontdekt Amerika. In Noord-Holland komt in datzelfde jaar een einde aan de bloedige burgeroorlog die de geschiedenisboeken in gaat als de opstand van het Kaas- en Broodvolk. De hoekse en kabeljauwse twisten hebben meer dan een eeuw geduurd. Het einde van de Middeleeuwen komt in zicht.

Kwaad Aagje
Jacomina Claesdr van Ruyven gezegd Tetrode, ambachtsvrouw van Pendrecht (Rotterdam Zuid), was getrouwd met Arend Franckensz van der Meer. Zij was geen Van Tetrode, mede gezien het wapen afgebeeld op een schilderij. Haar wapen is een schild met drie boeien. Haar zoon Lodewijk huwde Margretha van Tetrode. Misschien was dit een aanleiding om aan haar naam toe te voegen gezegd Van Tetrode.

Haar man, Franckensz van der Meer was schout in Delft. Ook was hij baljuw en dijkgraaf van Delfland. Hij werd door de gewone mensen grondig gehaat en kreeg de bijnaam `kwaad Aagjen`. Van hem is een anecdote bekend.

Bij de intocht van een belangrijke persoonlijkheid hing uit de koets volgens oud gebruik altijd een lang touw. Misdadigers, die het einde van dat touw te pakken kregen, hoefden hun straf niet meer uit te zitten. Maar nog voordat iemand het touw had bereikt sneed kwaad Aagje het door, zodat niemand `begenadigd` kon worden.

(bron: mr. C.P. Hoynck van Papendrecht is een aanzienlijk katholieke Hagenaar in de 18e eeuw, jaarboek Die Haghe 1910)
Hoynck van Papendrecht, voormalig eigenaar van de hier afgebeelde schilderijen, kwam door zijn tweede huwelijk in het bezit van de portretten van Arend Franckensz. van der Meer en de huisvrouw van deze Arend, Jaco(b)mina van Ruyven van Tetrode. De portretten zijn van een onbekende meester uit het begin van de zestiende eeuw. Arend overleed in 1503 en zijn huisvrouw in 1509.

Arent van der Meer (kwaad Aagje) was getrouwd met Jacomina. Hij voerde als wapen drie meerbladeren in rood of groen. (bron: iconographisch bureau Den Haag, collectie rijksdienst beeldende kunst)
gesch2 gesch

Graf Oude Kerk Delft

Zo`n 60 jaar voordat Willem van Oranje in de Nieuwe Kerk in Delft is begraven kregen Arent van der Meer en zijn vrouw, Jaco(b)mina van Ruyven gez. Tetrode, hun laatste rustplaats in de Oude Kerk. Het familiewapen met de drie meerbladeren is terug te vinden in deze kerk, maar dan in een ander verband.


Een zoon van Arent, Lodewijk, is namelijk getrouwd met Margaretha van Tetterode. Zij voerde het familiewapen van Van Tetrode.


Op de grafsteen met een hele reeks familiewapens van alle aangetrouwde broers en zusters is ook mr. Arend Frankensz (overleden in 1596), gemeentesecretaris van Delft en hoogheemraad van Delfland, terug te vinden. Deze Arend was getrouwd met Clara Jansdr van Sparwoude.


1624 - 1674: Pieter Claesz van Ruyven - Mecenas van Vermeer. Verzamelde tweederde deel van de werken van Vermeer. Hij was ongeveer even oud als de kunstenaar Vermeer die in zijn tijd bijna even hoog stond aangeschreven als Fabritius die bij de explosie met het Delftse kruithuis om het leven kwam. De schatrijke zoon van een brouwer kocht zoveel mogelijk werken van zijn plaatsgenoot en kon daardoor aanspraak maken op de eervolle titel mecenas van Vermeer. 
gesch1

Uit recent onderzoek in het archief van Delft zou blijken dat Van Ruyven de schilder in 1657 financieel te hulp schoot. In het testament van deze kunstliefhebber meldde hij een aantal werken van Vermeer te bezitten. Hij verwijst in het testament naar een boekje dat helaas verloren is gegaan.


De werken van Vermeer verdwenen in 1696 meer dan een eeuw uit het oog van kunstkenners. Pas toen koning Willem 1 het Gezicht op Delft kocht - zijn voorvader Willem van Oranje was in de Nieuwe Kerk begraven - is Vermeer opnieuw ontdekt. Vermeer, eigenlijk was zijn naam Van der Meer, geldt nu als de belangrijkste Nederlandse schilder uit de Gouden Eeuw na Rembrandt.


Toen de dochter van Van Ruyven, Magdalena van Ruyven, overleed kwamen de kunstwerken in handen van haar schoonvader, Abraham Dissius, en haar man Jacob Dissius die de erfenis onder elkaar hebben verloot. Jacob woonde aan de Markt 32 waar hij een drukkerij had: de Gulden ABC.


Een verband met hem en de later geboren Jaco(b)mina is niet gevonden. Jacomina kent bovendien een ander wapen: drie boeien ankers. De precieze afstamming is ook onbekend.


Pieter Maertensz van Ruyven, huw. 1621 Delft < Maerten Jansz (van Ruyven). Pieter Maertensz van Ruyven, in 1644 wonend aan de Brabantse Turfmarkt te Delft [M. van der Kooij (samenst.), Van der Kooij. Grepen uit de geschiedenis van een oud boerengeslacht, 1988, p 51, 53].

Pieter Harmensz van Ruijven, 1672, ovl. 1678 [H. Klunder & H.K. Nagtegaal, 'Wapens van de veertigraden van Delft', in: Kronieken Prometheus 7 (1998), p 224].


Jonghe Jan Adriaensz wonende op Ruyven, Pijnacker, not. akte 1561 [C. Hoek, 'Acten betreffende Schieland en Oost-Delfland', in: OV43 (1988), p 457].


Toponiem Ruiven [Schetsen uit de geschiedenis van Pijnacker, Pijnacker 1986, p 79].


Dirk van Ruijven, geb. voor 1580, ovl. na 1651, vroedschap Den Haag 1622-25 [Regenten Den Haag, p 269].